Hanö

Vanaf Utlängan is het plan om een ankerplaats op te zoeken aan de zuidkust.  De voorspelling is dat er rond 12 uur wat wind komt om op te kunnen zeilen.  Als we weggaan rond die tijd is het nog helemaal windstil.  We zetten de motor en de stuurautomaat aan, health en genieten van de zomer.

Motoren door de windstilte

Motoren door de windstilte

Als de wind na een poosje komt zeilen we 2 uur langs de kust.  Het is erg warm en zonnig, pills maar we horen onweer en boven land zien we de onweerswolken.  De Navtex bevestigt de kans op onweer.  Toch maar een haven dan? We kiezen voor Hanö, een eilandje op ruim 33 mijl ten westen van Utlängan.  Te ver om met de 3 knopen die we nu lopen te bereiken, dus we zetten de motor weer bij.

Onweersbuien aan de horizon

Onweersbuien aan de horizon

We doen er 6 uur over, waarvan 4 op de motor.  Hoewel de luchten dreigen, ook als we in de haven aankomen, blijft het een mooie dag met weer een schitterende zonsondergang.  Daar hebben we er al heel veel van gehad deze vakantie.

Als we aankomen in Hanö is er ruimte zat in het haventje.  We liggen naast een andere Nederlandse boot, maar er zijn geen pakketjes van 3-4 boten.

Haven van Hanö

Haven van Hanö

’s Nachts regent het wel, maar de volgende middag is het weer al snel warm.  We moeten naar een andere plaats in de haven om ruimte te maken voor het flottielje van Oceanpeople dat tussen 2 en 4 uur wordt verwacht.   Niet een hele fijne plek zo voor de havenmond.  We verleggen de boot en doen daarna een rondje over het eiland.   Er zijn een aantal wandelpaden over het eiland, we doen de rode en de gele.

Engels oorlogskerkhofje

Engels oorlogskerkhofje

Het eiland is eigenlijk niet meer dan rots natuurlijk, maar toch is er best wat te zien.  Als je dat wilt zien natuurlijk.  Bovenal is het ongerepte natuur.  In de Napoleontische tijd was er een Engelse basis op Hanö.  Wat er nog van over is, is een klein kerkhofje.  De wandeling voert ons langs de vuurtoren, en naar een mooi bos aan de oostzijde.

Boswandelpad

Boswandelpad

Bijzonder is de ondergrond die bestaat uit met mos begroeide rotsblokken.  De rode stippen geven aan hoe het pad loopt.

Als de lucht begint vol te trekken, nemen we een shortcut naar de haven.  De hertjes die op het eiland voorkomen hebben we niet gezien.

’s Avonds komt het flottielje van Oceanpeople (Baltic 2014) binnendruppelen.  ‘Geen bekommeringen over meteo en routeplanning’ zegt hun website.  Dat blijkt, ze komen pal tegen windkracht 4 in de regen aanvaren.  De meesten komen midden in een onweersbui aan.  Dat is het nadeel van een vast vaarprogramma.

Aankomst Flottilje

Aankomst Flottielje

Wij vinden het toch wel fijn dat we onze reis zelf kunnen plannen, en op dit soort dagen even niet hoeven te varen.

Utlängan

We vertrekken om 10 uur naar Utlängan, cialis een eilandje zo’n 18 mijl (35 km) ten zuiden van Kristianopel.  Er is weinig wind, maar we proberen het toch met het zeil.  Het is tenslotte vakantie.  Het pakt goed uit; de wind draait voor ons de goede kant op, en we lopen uiteindelijk over een vlakke zee 5 knopen op 9 knopen wind.  Helemaal niet slecht voor ons doen.   Als de wind mindert, probeer ik nog of het scheelt als we ook de kotterfok nog mee laten doen.  Het helpt niet echt, maar is wel leuk tijdverdrijf.

Alle zeilen bijzetten

Alle zeilen bijzetten

Het is opnieuw een echte warme zomerdag, ook op zee.  De buien van gisteren zijn weer weg.  We varen naar Stenshamn via het geultje van Ungskär, volgens de havengids 2 meter diep.  Ons midzwaard laat ons met een beleefd tikje horen dat dit niet overal zo is.  We hebben wel vaker de indruk dat niet elke steen op de kaart staat.

Gemiddeld halen we de vijf knopen niet, het is half vier als we aanleggen in het haventje van Stenshamn op/bij Utlängan.

Het havencomité van Stenshamn

Het havencomité van Stenshamn

é

Stenshamn is een leuk haventje, weer heel anders dan welke eerdere haven ook.  Er is geen havenmeester, maar de locals dirigeren binnenkomende grotere boten naar een in hun ogen geschikte plek.  Dat overkomt ook ons.  We liggen aan de pier, vlak voor de aanlegplaats van het veerbootje.  Dat hebben we nog niet eerder gehad: een veerbootje op 1 meter afstand van het anker.  Maar de veerbootjes zijn het duidelijk gewend.  Hoogtepunten voor het committee zijn de momenten dat een (te) grote boot aankomt.  Die kan vastlopen, dat gebeurt ook, weer een verzetje.

De veerboot bij Utlängan

De veerboot bij Utlängan

Voor het eerst gebruiken we onze Cobb barbeque, of eigenlijk Cobb oven.  We lezen de handleiding, googlen wat over ervaringen.   Als alles is geïnstalleerd bakken we eerst een brood (goed gelukt), en daarna gaan de spare ribs en maïs op de BBQ.    Na 2 uur doven we het Cobb blokje met wat water, het is dus goed voor ruim 2 uur oven gebruik.  Niet verkeerd.  Het schoonmaken is wel veel meer werk dan een paar pannen afwassen.

Utlängan

Utlängan

Stenshamn is de haven van Utlängan, het wat grotere eiland waar alleen een paar boerderijen zijn.   De volgende ochtend fiets ik een rondje over de beide eilanden.  Ik vind het wel een mooi eiland, juist omdat er helemaal niks is. Toch is er variatie: moerasachtig weiland, steenvlaktes, bos en zelfs wat tarwe.

Oude haven Utlängan

Oude haven Utlängan

Op Utlängan is ook een haventje geweest met een smalspoortje, maar het is al even geleden dat het laatste treintje daar gereden heeft.  Na een beetje googlen denk ik dat het de rails was waarover de reddingboot te water werd gelaten. Maar er is ook een periode geweest dat het eiland de interesse had van het Zweedse leger.

Het rondje fietsen levert ook leuke plaatjes van een klauwier. Utlängan is een vogelrijk eiland.

Utlängan laat misschien zien wat zo bijzonder is aan de Zweedse kust; er zijn zoveel eilanden dat een vrijwel onbewoond rustig eilandje niks bijzonders is.   Ik vond het een leukere stop dan Utklippan.  Maar het is wel een haventje voor boten met niet teveel diepgang.  Toch fijn zo’n midzwaard dat je kunt opdraaien naar behoefte.

Kristianopel

26 juni begint vanuit Kalmar de terugreis echt.  We komen nu grotendeels langs kusten waar we al eerder zijn geweest.  Gelukkig zijn er heel veel havens, ailment dus we kunnen nog genoeg variëren.    Voor vandaag staat de tocht van Kalmar naar Kristianopel op het programma.  Er is weinig wind, maar later zou er een beetje oostenwind moeten komen.   Eerst de website tot gisteren bijgewerkt.

Om 11 uur vertrekken we.  De wind is nog NNO, eerst gaat de spinnakerboom erop.  Dat duurt echter niet lang, al snel draait de wind naar het oosten.   Het voordeel is wel dat we dan wat meer opschieten, relatief dan.  Met 8 knopen wind lopen we 5 knopen door het water, bijna 10 km/u.  Helaas zakt de wind in de loop van de middag in.  Tegen vieren gaat de motor aan als onze snelheid is teruggezakt tot 1.7 knoop (3 km/u).   Als we om 6 uur aankomen bij het haventje verwachten we een volle bak.  Maar er liggen maar een paar boten.  De havenmeester wijst ons een plek aan dezelfde boei als een andere boot.  Waarom is ons niet duidelijk, hij wil efficiënt pakken denk ik.

Haven Kristianopel

Haven Kristianopel

Later op de avond komt er wel wat meer wind, maar het blijft wonderlijk weer.  We zitten aan de rand van een weersverandering; op de GRIB files zie je buiencomplexen langstrekken op 100-200 km afstand.  Het is duidelijk dat we het stabiele zomerweer aan het verlaten zijn.  Maar vooralsnog is het wel warm en zonnig.

Kerkje van Kristianopel

Kerkje van Kristianopel

Zondag 27 juni blijven we in Kristianopel.  Er wordt weinig wind voorspeld, en Elly wil graag weer de was van twee weken wegwerken.   De was gaat heel goed:  er zijn niet veel boten in de haven, en Elly is de enige die de machines gebruikt.  Naast een wasmachine en een droger hebben ze ook een droogkast, waar je kleding in kunt hangen.  En gek genoeg is het allemaal gratis; dat hebben we nog niet eerder meegemaakt.

Het weer loopt anders dan verwacht; de bui aan de oostelijke horizon brengt veel wind met zich mee; in de haven windkracht 5.  We leggen de boot vast aan een tweede boei.  Met die wind loopt de haven snel vol met mensen die verrast zijn door het weer.  Onze nieuwe Belgische buurman zag 32 knopen op zijn windmeter, dat is windkracht 7!

Vast in onze hekboei

Vast in onze hekboei

Met die wind loopt de haven snel vol.  Dat gaat niet iedereen makkelijk af; met hekboeien moet je de boei in één keer hebben, zo niet dan wordt het lastig. Dat overkomt een Bavaria 33 achter ons: ze liggen stevig tegen onze boot aangewaaid, met het roer en de schroef tegen onze hekboei.  Gelukkig hing ons bijbootje in de takels, waardoor we een supergrote stootwil hadden.  De hele haven ontfermt zich over de situatie; ze leggen een lange lijn van de boot naar de haveningang, en met de lier wordt de boot langzaam weggetrokken van de onze.  Met andere lijnen trekken ze de hekboei en onze haak vanonder de ongelukkig Bavaria.  Na een halfuur werken is de boot los.  De kade staat inmiddels vol met publiek, en er liggen 5 andere boten te wachten voor de haveningang.

Het blijft waaien, en de haven vult zich helemaal.  ’s Avonds gaat de wind weer liggen en keert de rust terug.  Elly heeft alle was gedaan, Gilbert heeft weer de nodige code gemaakt en alles is weer goed.

Gierzwaluw

Gierzwaluw

28 juli zet ik de wekker voor een vogelrondje.  Kristianopel is een oude Deense vestingstad.  Van die vesting is niet veel meer over; daar hebben de nodige oorlogen wel voor gezorgd.  En toen de Denen de stad definitief moesten opgeven is de vesting vervallen.  Wat nu nog over is, is een groot deel van de oude stadsmuur.   Binnen de stadsmuren is nu een camping, en een leuk kerkje.  Op de stadsmuren is het goed vogelen.  Gisteren had ik me al vermaakt met een jonge tapuit en kwikstaartjes, nu komen de gierzwaluwen dichtbij in goed licht.   Meestal zie je alleen een sikkel, nu kun je echt de details zien met de nog lage zon.  Gierzwaluwen zijn maar ruim 100 dagen in Europa, ze zijn zich nu aan het vol eten voor de vlucht naar Afrika.

Scherenkust

We willen ankeren boven Spårö  in een baaitje aan de Zweedse scherenkust. De ingang is relatief ondiep. Dat zien we op de kaart (2.5 m), here maar ons midzwaard laat het ook horen.  En dat is met een stuk minder dan 2.5 meter!  Blijkbaar ligt er in de ingang ook een steen en moet ik beter de kaarten leren lezen.   In het baaitje ligt een boeitje, dat neem ik ook te kort.  Nog een tikje.  Daarna ankeren we midden in het bijna rondom afgesloten water, waar het 5 meter diep is.  Even voor zes uur zijn we er, 9 uur gedaan over de 60 mijl.

Voor anker in de Scheren

Voor anker in de Scheren

Het is weer een heel andere ervaring, een heel ander Zweden.  Dit is het Zweden waar de vaarwijzers zo enthousiast over schrijven, en dat snap ik nu wel.  Op de Oostzee was het niet warm, woei het hard, en hier lig je in een vrijwel windstil baaitje achter een heuvel.  Als er niet 10 andere boten zouden liggen, zou je het een idyllisch plekje noemen.

Zonsondergang in de scheren

Zonsondergang in de scheren

Het voelt wel een beetje raar om als enige op het anker te liggen.  De Zweedse boten (11 in totaal) liggen allemaal met de boeg aan de kant en een hekanker.  Dat durven we nog niet aan.  En als we zo eens kijken hoe ze dat allemaal doen, hebben we er ook niet een echt handig hekanker voor.  Ons hekanker is meer bedoeld om de boot vast te leggen met een extra anker als het stormt.  Hier heb je een anker nodig wat je makkelijk kunt laten vallen achter je boot.  De meeste (wat grotere) boten hebben daar een constructie voor.  En een assortiment aan haken en pennen om lijnen aan vast maken, plus een trapje bij het vooranker om van de boot af te gaan.

Hekanker spullen

Hekanker spullen

Ik dacht altijd dat een lijn aan een boom wel stevig was.  Maar bijna iedereen maakt zijn boot aan wel twee of drie plekken vast.  En ’s avonds zien we nog laatste controles met zaklampen.  Blijkbaar hebben ze meer vertrouwen in het hekanker dan in de bomen.  Had ik niet verwacht. De volgende dag zouden we verder naar het zuiden gaan, maar we besluiten nog een dagje te blijven hangen in het baaitje.  Ook zonder hekanker kunnen we wel aan de kant komen.  We blazen ons bijbootje op, en ik roei naar de kant.

Met het bijbootje naar de kant

Met het bijbootje naar de kant

Natuurlijk is daar eigenlijk niks te zien, wat stenen waar je op kunt klimmen, bomen, planten en korstmossen.  Toch is dat ook wel leuk, van die eilandjes waar niks is.  De Zweden zelf hebben dat wel gezien denk ik.  Hoewel er wel mensen op de eilanden zijn, is het principe toch vooral om te BBQ-en op de stenen naast je boot.

Op een eilandje

Op een eilandje

Het water is er lekker warm om een beetje te zwemmen, maar het is vooral een mooi rustig plekje.   In de loop van de ochtend vertrekken de meeste mensen.   We doen wat klein onderhoud en halen weer heel veel kalk uit het waterfilter.  De aluminium watertank is niet echt praktisch. Na 5 jaar nemen we eindelijk ook de sceptictank in gebruik, zodat we het toilet aan boord kunnen gebruiken in het baaitje.  Met de tank kun je een paar dagen vooruit, en dan op open water uitpompen.  Eigenlijk best praktisch, hadden we eerder moeten gaan gebruiken. Verder is een ankerplek ook een heel goede plaats om rustig ‘thuis te werken’, beetje programmeren.

Programmeren

Programmeren

Woensdag is alweer een schitterende dag.  Ik sta vroeg op om brood en cake te bakken.  Je kunt hier niet even naar de bakker om brood.  Hoewel het rustige baaitje trekt gaan we toch ook verder.  Het is weer tijd om water te tanken en inkopen te doen. Voor vertrek uit het baaitje probeer ik de Zweedse instructies uit de havengids nog eens te lezen.  Ik denk dat er staat dat bij de ingang van de baai stenen liggen met een diepte van 1.6 meter.  Dat kan kloppen met de tikjes die we voelden.  Bij vertrek lezen we het kaartje beter, en komen we er zonder tikjes van het zwaard uit.

Vaarroute door de scheren

Vaarroute door de scheren

We zeilen door de scheren naar Figeholm.   Het is een leuke tocht, zo binnendoor. Allemaal kleine eilandjes, huisjes, en heel veel water.  Het laatste stuk doen we over open water, tot we bij Figeholm weer naar binnen gaan.

Havenkantoor Figeholm

Havenkantoor Figeholm

Het plaatsje stelt niet veel voor, een klein dorpje met mooi geschilderde huizen en een parkje, maar meer is er echt niet te zien.  Wel is er een goede COOP dicht bij de haven, en is er water aan de steiger.   We ontdoen de boot hier van het nodige zout en veel spinnen.  Er is wifi en er zijn goede douches. Daarmee kunnen wij er weer even tegen.

Donderdag 24 juli is ons plan om naar Runnö te varen.  Maar als we door de scheren ten zuiden van Figeholm varen, ziet dat gebied er toch wel erg aantrekkelijk uit.  We zoeken een mooi plekje op in de gids, en gaan na ruim een uur varen al weer voor anker.  De tweede keer dat we van ons plan afwijken, het lijkt wel of we vakantie hebben.   We liggen aan de zuidkant van St Kättelsö, met zicht op allemaal kleine rotseilandjes.  Maar ook wat zicht op de zee, we zien de veerboten naar Gotland voorbijkomen.

Voor anker bij St Kättelsö

Voor anker bij St Kättelsö

Ook hier een lekker plekje om wat te zwemmen. Zelfs Elly kan de verleiding van het heldere water niet weerstaan.  Vanaf de ankerplek kun je met het bijbootje een groot gebied verkennen.  Ik hou het bij een klein rondje peddelen.  Bij bijna elk eilandje ligt een bootje.   Het lijkt alsof dat gebruik is: één gezin per eiland.   Behalve dan in de grotere ankerplekjes, daar liggen meer boten naast elkaar.

Hoewel het er allemaal heel ‘natuurlijk’ uitziet, zijn ook hier niet heel vogels.  Meeuwen, ganzen, kwikstaartjes en bonte kraaien.   ’s Middags zie ik op afstand nog wel een grote roofvogel langsvliegen, wellicht een zeearend. Vrijdag moeten we dan wel echt verder.  De wekker staat om half acht, vroeg voor ons.  Het is dan al warm.

We vertrekken om 9 uur.  Nog voor de scheren echt tot leven komen. Als we ons vrijwel windstille plekje verlaten hebben, staat er op zee toch wel wat wind, voldoende om naar Kalmar te zeilen.  Het is een hele rustige tocht.  Waar het in de scheren relatief druk is in de vaarroutes, is het in de Straat van Kalmar vrij leeg.  Af en toe een zeilboot of een vrachtschip, maar genoeg tijd om andere dingen te doen.  Zoals emailen met de iPhone, of dit verslag tikken.   Of echt niks doen, maar daar zijn we niet zo goed in.

Onderweg moeten we één keer van koers veranderen.  We zetten om 12 uur de spinnaker boom, en daarmee bereiken we de brug bij Kalmar even na 5 uur.  De wind varieert een beetje, tussen de 10 en 16 knopen, NNO.    Maar al dat soort details lost de stuurautomaat voor ons op.  Ons incidentje vorige week heeft ons wel met de neus op de feiten gedrukt: de automaat is echt een onmisbaar bemanningslid.  Tijd dat ‘ie een naam krijgt (James?).

Gotland – Oostkust Zweden

Maandag 21 juli beginnen we aan de terugtocht naar Nederland, viagra sale ruwweg een reis naar het zuidwesten.  Zo’n 800 mijl te gaan.  De eerste etappe is pal west, ask van Gotland naar de Zweedse oostkust.  Ons idee is om daar een ankerplek te zoeken in de scheren.  Met de havengids hebben we informatie genoeg, ook van leuke ankerplekken.  In Zweedse termen zijn dat natuurlijke havens.

Bij het vertrek leren we nog een trucje om met zijwind weg te varen: de boot aan hoger wal vastleggen, zodat je vrij komt van je boei en je die eerst los kunt maken.  Heeft als bijkomend voordeel dat je niet over de ketting van de boei kunt varen.  Onze buurman doet het zo.   Als wij weg gaan, houdt onze andere buurman onze boot vast.  Duidelijk geval van een sterke man!

Met 8 knopen naar het oosten

Met 8 knopen naar het westen

In de haven staat 10 knopen wind, maar als we buiten komen staan er flinke golven. De windrichting is perfect: halve wind, een beetje in de rug.  De gribfiles hadden ons 11 knopen beloofd, maar we krijgen 17 knopen.  Windkracht 5.  De boot gaat dan hard, tussen de 7 en 8.5 knoop.  Voor ons is dat heel snel.  We moeten wel even wennen aan de beweging, de golven zijn toch snel een meter hoog, en af en toe surft de boot van een golf af.  Zo voelt het tenminste.  Toch fijn dat we een stuurautomaat hebben.  Terwijl die automaat zijn werk doet, maak ik dit verslag.  We zijn heel snel aan de overkant.  Al  om half vijf zijn we bij de eerste ton, een kardinaal.

Ton in zicht

Ton in zicht

Als we de kust naderen neemt de wind af naar de 11 knopen van de GRIB files.  We lopen rustig via de tonnen binnen.   Het laatste stukje naar de ankerstek die we hadden uitgezocht loopt door de kleine rotseilandjes.

Rotseilandjes in de aanloop

Rotseilandjes in de aanloop

Alles is heel klein, op de kaart zie je allemaal eilanden, maar in het echt zijn de meeste rotsen waar net een huis op zou passen.