Doppellenkerwippdrehkrane

Als tiener heb ik heel wat uurtjes met Fischer Technik gespeeld.  Eén van de favoriete bouwonderwerpen was kranen.  Portaalkranen, order maar vooral draaibare havenkranen met contragewicht.

Als je door de havens van het voormalige Oost-Duitsland, cure en ook Polen, physician vaart zie je veel van die kranen terug.  Soms nog in gebruik, soms als herinnering aan het verleden achtergelaten, en soms in een toestand die daar tussen in lijkt te zitten.

DSC_5367

Havenkranen worden ontworpen om zware voorwerpen van een willekeurig punt op de kade te kunnen plaatsen op een willekeurig punt op een schip.  Zowel de kade als het schip zijn veel langer dan het bereik van de kraan, dus de kraan rijdt vrijwel altijd over een rails.   De kraan moet ook kunnen draaien met zijn last.  Die combinatie is technisch lastig: als de kraan niet goed in balans is, komt alle kracht op de draai-as.

DSC_5560

Als de kraan een gewicht van 10 ton op een afstand van 50 meter van zijn as moet kunnen optillen, moet er aan de andere kant van die as een soortgelijk contragewicht zijn.  Of op 25 meter een gewicht van 20 ton. Maar het geheel mag natuurlijk niet omvallen als de last is afgeleverd. En het moet niet te zwaar worden.

DSC_6055

Daarbij komt dat de arm van de kraan ook zwaar is, daarvoor alleen is al contragewicht nodig. Naarmate de arm verder van de as komt, is meer gewicht nodig.   Een oplossing daarvoor is een contragewicht dat meebeweegt met de arm aan de andere kant van de draai-as.  Dat heet een Doppellenkerwippdrehkrane in de taal van de uitvinders.

In de Oost-Duitse havens zie je vooral kranen van het merk Takraf. Takraf deed later vooral mijnbouw apparatuur.  Het bedrijf is verkocht en gesplitst.  De havenkranen business is terecht gekomen bij Kranbau Eberswalde AG. Inmiddels heet dat Kranunion. Het huidige assortiment van de Doppellenkerwippdrehkrane is te vinden bij Ardelt, een onderdeel van Kranunion.

De trend is natuurlijk naar bulkvervoer en containers, waarbij deze kranen niet meer gebruikt worden.  Maar voor stukgoed en constructie blijven ze nodig.  De scheepswerf van Stralsund gebruikt ze nog in grote aantallen.

 

 

Treinen en het Noord-Oostzee kanaal

Het Noord-Oostzee kanaal (Kieler kanaal) is bijna 100 km lang en best wel saai om door te varen. De bruggen en de techniek rondom het kanaal zijn dan voor een techneut zoals ik nog het leukste.

In deze post de twee mooiste spoorbruggen van het kanaal. Veel informatie over deze bruggen is te vinden op de site “The Bridgehunter’s Chronicles”.

De Hochdonn brug is deel van de verbinding tussen Sylt en Hamburg.  De brug is gebouwd door Friedrich Voss, pills die ook de brug bij Rendsburg heeft gemaakt.

DSC_2638

Hochdonn brug

De brug bij Rendsburg is de mooiste, doctor alleen al vanwege de opritten aan beide zijden. Aan de zijde van de stad Rendsburg is een lus gemaakt om de benodigde 42 meter te halen vanaf het station in het plaatsje. Van dit station eerst een foto van het seinhuis dat stamt uit de tijd van de brug. Nu is het een museum.

DSC_2700

Oud seinhuis Rendsburg

Vanaf het station hebben we Jason uitgezwaaid, cialis zijn trein zie je hier vertrekken. De trein heeft dan de lus gemaakt, en is bijna op de overspanning van het kanaal. Deze foto is vanaf het station genomen.

DSC_2710

Spoorbrug Rendsburg

De overspanning over het kanaal is goed te zien op deze foto. Een Hectorrail vrachttrein met dubbele locs passeert de brug.

DSC_2747

Spoorbrug Rendsburg

Onderstaande foto toont de afrit aan de andere kant, met daarop een personentrein.  In augustus wordt het 100 jarig bestaan van de brug gevierd.  Nu werd er druk gewerkt en geschilderd om alles weer mooi te maken.  Daarbij hoort ook een mooie folder.  De totale lengte van de spoorbrug is 7,5 kilometer.  Er zit 19,000 ton staal in, ongeveer drie keer zoveel als in de Eiffeltoren.

DSC_2729

Spoorbrug Rendsburg

Vlakbij de sluizen van Kiel is een werkplaats waar naar het zich laat aanzien locomotieven worden geschilderd. Met alle private spoorvervoerders geeft dat een kleurrijk beeld.  Net zoals bij de vogels hebben al deze locs hun eigen namen en types natuurlijk.  In tegenstelling tot vogeltjes staan de namen bij locs er gewoon op, en met Google kom je dan een heel eind.

De blauwe loc is een Gravita 15L BB van Voith. Mooie site van Voith, het is duidelijk dat Duitsers treintjes gek zijn.

DSC_2808

Locomotieven werkplaats Kiel

De gele loc is een Maxima. De rode en rood-grijze zijn ook Gravita rangeerlocomotieven. Die lijken veel op de klassieke V100 van mijn Märklin treintjes.

DSC_2811

Locomotieven werkplaats Kiel

Verscherpen van foto’s

Ik dacht altijd dat een foto scherp was, view of niet.  Maar dat is niet zo simpel.  De hele scherpe foto’s die je ziet op internet zijn bijna allemaal bewerkt.  Hetzij standaard in de camera bij het aanmaken van de JPEG, malady hetzij met een foto bewerkings programma achteraf.  Dat is niet alleen een kwestie van fouten herstellen, dat kan er tot op zekere hoogte ook mee, maar vooral een kwestie van het op elkaar afstemmen van de camera techniek en je ogen.

Ik heb het verscherpen opgepikt van de vogelsite birdpix, met name deze discussie.  Birdpix is site waar vogelaars foto’s delen, en het verscherpen is daar een must.  Zonder verscherping kom je niet door de ballotage heen.

Het basis gegeven is dat een camera een beperkt aantal pixels heeft. Simpel gezegd zal het bij een kleur overgang altijd zo zijn dat het pixeltje op een rand van twee kleuren van beide kleuren wat meekrijgt.  Het oog ziet dat als onscherpte, ook bij een 12 of 24 Megapixelcamera.   Op een 20 inch monitor zou het oog eigenlijk 74 megapixels willen zien (vrij naar ClarkVision) , ik kijk nu naar een monitor met 2.4 megapixels.  Dat is dus nog een aanvullende complicatie.

De truc om je ogen een scherpe foto te laten zien is de kleurovergangen extra aan te zetten: naast het twee-kleuren-pixel komen pixels te staan met overdreven kleuren.  Ron Bigelow legt dat allemaal netjes uit.

Om een foto op internet te publiceren is er nog een aanvullende complicatie: de camera mag dan wel 8 of 12 of 24 Megapixels tonen, een acceptabele JPG grootte op internet is meer 800×600, ofwel 0.5 Megapixel.  Dat levert een file van 100 tot 200 Kbyte.  Scherpte komt dus niet van al die pixels, of in elk geval niet alleen.

Het doel is om de foto zo te bewerken dat je oog op basis van het 800×600 plaatje in de webbrowser denkt ‘dat is een mooie scherpe foto’.  Een foto die veel detail heeft op de hoge resolutie hoeft dat niet meer te hebben op een lage resolutie.  Immers, bij het verkleinen worden naast elkaar liggende punten gemiddeld.  En als je foto’s wilt afdrukken in een fotoalbum ligt het weer anders, dan is het totale beeld weer veel groter.

De foto’s die ik de laatste tijd op de site heb gepost zijn allemaal verscherpt.  Meestal zelfs in twee slagen: eerst een keer op de volledige resolutie van de camera, en daarna nog een klein beetje na het terugschalen voor het web.

DSC_3152

Boomklever

Als voorbeeld een foto die niet helemaal scherp was (de vogel is net out of focus), eerst de versie die alleen verkleind is, en met ViewNX verscherpt.  De bast van tak is scherp,maar de vogelveertjes bij de kop lijken onscherp.  De kop is net out of focus.

Een opmerking in de birdpix discussie was dat je foto’s die niet helemaal scherp zijn, scherp kunt laten lijken met een kleine ‘drempel’ in het verscherpingsproces.  ViewNX kan dat niet, maar Nikon Capture NX en Adobe Lightroom kunnen dat wel.

Het resultaat staat hieronder, ik was helemaal verbaasd.  Let nu eens op de kop.  Scherpte is zeker niet alleen kwestie van een goede camera, maar ook van bewerking achteraf!  Natuurlijk moet het startpunt wel redelijk zijn, garbage-in-garbage-out blijft van toepassing.

DSC_3152-02

Boomklever – verscherpt

Mijn proces is nu om de foto’s eerst uit te zoeken met ViewNX, dat is een lekker snel programma waarmee je de Nikon RAW files kunt beoordelen.  De files zijn 30 MByte groot voor de D7100, dus hoe eerder je ze kunt sorteren hoe beter!

De mooiste foto’s knap ik dan verder op met Nikon Capture NX2.  Het resultaat is dan een JPG van ruim 100 Kbyte.

Van vrijwel alle foto’s maak ik JPGs.  De JPGs die ViewNX maakt zijn veel kleiner, ook op de maximale resolute van 6000×4000 pixels slechts 2 tot 3 Mbyte.  Ik gebruik Photoshop Elements om de foto’s te taggen en rubriceren.

Aan elkaar knopen

DSC_0814

Starrevaart

Ik ben weer lekker aan het spelen met de computer.  De website, here facebook, viagra  vogeltjes, allemaal door elkaar heen.  Het is net als vroeger met de electronica: de lol is voor een deel ook om alles aan elkaar te knopen.  Als het dan werkt is het weer een stuk minder interessant.

Mijn projectje nu is om op de website een berichtje te posten, en dan in facebook een samenvatting te krijgen met een plaatje.

SSB Radio

Dit jaar hebben we nog helemaal niets geschreven over onze boot.  “Puzzle” is er nog steeds, look maar we hebben nog weinig gevaren.  We zijn wel een aantal weekenden aan boord geweest om te poetsen en alles weer op orde te brengen, cialis maar tot nog toe maar een vaarweekend.

Het project van dit jaar is het installeren van een SSB radio.  Met zo’n radio kun je over hele lange afstand communiceren met andere radio bezitters.  ‘s avonds kan het bereik wel 10.000 km zijn!  Voor ons is het nu een manier om op zee weerkaarten te kunnen ophalen, unhealthy (kleine) emailtjes te versturen en misschien ook wel praten met andere zeilers.

Hoewel de boot was voorbereid op zo’n radio heeft het toch nogal wat voeten in de aarde.  De zender is best groot, en past niet in het instrumentenpaneel bij de kaartentafel.  Na het nodige passen en meten hebben we besloten de SSB in te bouwen bij de marifoon, in wat voorheen een opbergvak was.  Dat is nu een stuk kleiner geworden…

mHet maken van een bodemplaat was nog het meeste werk.  Maar met een dagje passen en meten kwam er een leuk resultaat uit.

Inmiddels is de radio ingebouwd.  Het is een ICOM 7200 geworden met een Pactor USB modem. Het aansluiten heb ik laten doen door Tijssen Elektro uit Zierikzee.

Ik kan nu met de radio berichtjes versturen (zelfs posten op deze site) en weerfaxen ophalen, het werkt dus allemaal.  Alleen is het achterstag nog niet ideaal als antenne.  De isolator zit heel hoog, waardoor de toevoerkabel te lang is.  Het werkt wel, maar het kost zo veel extra vermogen. Dat laten aanpassen is weer de volgende klus.